Nachtburgemeesters proeven de recessie

Auteur: Cyriel van Rossum - 06/01/2012

Gemeenten moeten hun nachtleven koesteren, want het nachtleven is economie, cultuur en promotie in één. Daarover zijn de nachtburgemeesters het wel eens. Waar dat koesteren uit moet bestaan, daarover verschillen ze van mening.

De Rotterdamse nachtbraker Jules Deelder kreeg in de jaren zestig als eerste de titel nachtburgemeester – gewoon van zijn fietsenmaker. Inmiddels telt Nederland zeventien al dan niet gekozen nachtburgemeesters. ‘Het is goed voor een zichzelf respecterende stad gebruik te maken van de diensten van een nachtburgemeester. De meeste ambtenaren en politici slapen immers ’s nachts’, zegt Isis van der Wel, nachtburgemeester van Amsterdam. ‘Ongeveer tien procent van de Nederlanders leeft ’s nachts. Om over studenten, jongeren en toeristen nog maar te zwijgen.’
Maar: de economische crisis is ook ’s nachts voelbaar, zeggen de nachtburgemeesters. ‘Een maat van me zei laatst: moet je eens kijken op koopavond in de Spuistraat hoeveel tasjes de wijven bij zich hebben. Dat zijn er niet meer vier of vijf, maar één of twee. Ik ging kijken en - verrek joh - het was zo!’ zegt René Bom, nachtburgemeester van Den Haag. ‘Je merkt dat het slecht gaat met de economie. Ook ’s nachts: ik hoor het ook van kroegbazen: mensen blijven nog wel komen, maar geven minder uit. En kleine theaters en podia merken het natuurlijk aan het publiek; als het regent denken mensen toch eerder: ik blijf vanavond eens lekker thuis.’
Het nachtleven zakt een beetje in, zo constateerden de dertien nachtburgemeesters die dit najaar voor het eerst bij elkaar kwamen op een speciaal voor hen georganiseerd congres in het Brabantse Middelbeers.
Een bij elkaar geraapt zooitje kleurrijke figuren die ieder hun eigen kijk hebben op wat gemeenten wel en niet zouden moeten doen om het nachtleven te laten bruisen. ‘Maar wel een interessant zooitje, los van alle verschillen was het ook mooi de gelijkenissen te herkennen’, zegt Van der Wel, die twee jaar geleden werd verkozen tot nachtburgemeester van Amsterdam. Zij is voorstander van een gemeentelijke bijdrage aan het nachtburgemeesterschap, want ‘zo heeft de functie sneller waarde voor de gemeenschap dan wanneer het slechts een geuzennaam betreft’.

Serieus
Van der Wel, beter bekend als DJ Isis, vult het nachtambt heel serieus in: ze overlegt regelmatig met de burgemeester en de wethouder cultuur, ondernemers, artiesten en publiek over verbetering van het nachtklimaat in de stad. Het zijn moeilijke tijden, beaamt zij. ‘Er treedt een vervlakking op. Het toegankelijke deel van het uitgaansleven wordt steeds platter en het cultureel-innovatieve deel steeds meer underground, dus moeilijker bereikbaar.’
Moeten gemeenten de nachtbrakers te hulp schieten, bijvoorbeeld met subsidie? De nachtburgemeesters zijn het er niet over eens. Bom (Den Haag): ‘Ik zou zeggen: schaf de belastingen af die het nachtleven duur maken. Niks meer betalen, maar dan ook niet meer zeiken om geld.’
‘Laat het publieke geld er maar buiten’, zegt de Woerdense nachtburgemeester Marcel Fokker. ‘Dat komt toch meestal op de verkeerde plek terecht. In de jazz bijvoorbeeld gaat er veel naar producties die nooit ene pepernoot zullen opbrengen. Subsidiëren is zelden investeren en meestal weggeven.’
Fokker ziet door teruglopende sponsoring zijn eigen kindje, het Woerdense Jazzfestival, in gevaar komen. De kans dat hij volgend jaar de zesde editie kan draaien, schat hij op slechts vijftig procent. ‘Weet je wat zou helpen? Als die idiote afdracht van rechten aan de Buma zou worden geschrapt. Wij betalen handenvol geld aan die lui, en dat gaat bijna allemaal op aan inningskosten en de instandhouding van de Buma, artiesten zien daar echt haast niks van terug, hoor. Daarbij komt nog de verhoging van het btw-tarief, dat is echt een gotspe.’

Ondernemend
‘Lekker makkelijk,’ vindt Doro Krol (Nijmegen) de ‘stoere uitspraken’ tegen subsidiegeld. ‘Ik werk veertig tot zestig uur per week, organiseer van alles en nog wat voor de stad, sta elke week met mijn hoofd in de krant en regionale tv-programma’s, maar ik krijg er niks voor. Een beetje erkenning van de gemeente in de vorm van subsidie is meer dan welkom. Soms denk ik wel: ik ben gekke Henkie niet, zoek het allemaal lekker zelf uit.’
Krol had tot voor kort een baan bij het filmhuis/stadspodium Lux, maar die werd wegbezuinigd. Daarvoor in de plaats kreeg ze een aanstelling van een paar uur als organisator van onder andere filmavonden. Inschaling: de laagste, die van gastvrouw. ‘Mensen zeggen: die Doro is zo’n ondernemende vrouw, die komt er wel. Nou niet dus. Ik kan en wil niet commercieel werken. Maar ik moet wel leven.’

Donkere wolken
Zonder subsidie zou Zeus Hoenderop, nachtburgemeester van Tilburg, zijn podia voor jonge kunstenaars niet meer kunnen betalen. ‘Ik kan tot oktober 2012 rekenen op een jaarlijkse bijdrage van de provincie van 28.000 euro.’ Maar er komen donkere wolken aandrijven. Of die vierjarige bijdrage wordt voortgezet is heel onzeker. Zeker is wel dat de provincie voor de komende jaren alleen voor muziek, theater en dans structurele subsidie heeft vrijgemaakt en niet voor de beeldende kunst. ‘Helaas is "het volk" niet geïnteresseerd in kunst. PVV en VVD zijn daar de politieke weerspiegeling van. Ik denk dat de sector dat zichzelf moet verwijten: beeldend kunstenaars hebben zich veel te weinig laten zien en te weinig verbinding gezocht. Wij moeten de samenleving beter laten zien waarom het belangrijk is wat wij doen.’ Hoenderop heeft daarom twaalf Brabantse kunstorganisaties om de tafel gebracht om een gezamenlijke strategie uit te stippelen. ‘Bovendien denk ik dat we het bedrijfsleven moeten gaan benaderen. Waarom niet naar analogie van de sport, kunstenaars koppelen aan sponsoren?’

Eigen opvatting
De nachtburgemeesters hebben ieder hun eigen opvatting van hun ambt en van wat er zou moeten gebeuren om nachtleven in de brouwerij te brengen. Het nachtburgemeesterscongres was toch vooral een gimmick en deze vreemde nachtvlinders moeten zich vooral verre blijven houden van alles wat op institutionalisering lijkt, waarschuwde een van de sprekers op het congres. Dat weerhield ze er niet van om toch maar samen een soort slotverklaring uit te brengen met tien aanbevelingen aan de dagburgemeesters (zie kader 6).

KADER 1

René Bom, nachtburgemeester Den Haag: ‘Ik ben een nar’
Wat Brood was voor Zwolle en Deelder is voor Rotterdam, is René Bom (52) voor Den Haag. ‘Ik ben niet gekozen tot nachtburgemeester, ik bén het gewoon.’ PVV-raadslid Richard de Mos stelde onlangs in een raadsvergadering dat Den Haag een nachtburgemeester moest krijgen. ‘De hele zaal draaide zich om en wees naar mij, zo van: kijk dan man, daar zit-ie; ben jij soms na de oorlog niet meer buiten geweest of zo?’ Bom is elke nacht in kroegen
en clubs te vinden en beschouwt het ambt vooral als ‘een gebbetje’.
Hij presenteert onder meer Parkpop en sprak de Hagenese stem van TomTom in. ‘Ik ben een nar. Ik moet me ook weer niet te veel bemoeien met het nachtleven, net zoals een vlinder niet te dicht bij het vuur moet komen.’ Er zijn in het verleden wel verkiezingen gehouden voor het ambt, maar dat werd geen succes. ‘Eerst hadden we een man die vooral in Frankrijk zat en toen een Fries. En de pers boycotte die verkiezingen gewoon. Die belde eerst mij op om te vragen wat ik ervan vond. Nou ja, dan ben je dood hoor.’

KADER 2

Isis van der Wel, nachtburgemeester Amsterdam: ‘De strijd tegen de regels om de regels’
Amsterdam heeft een nachtburgemeester met internationale faam. Isis van der Wel (36), vooral bekend als DJ, werd in 2010 gekozen als nachtburgemeester. Van der Wel vat het ambt heel serieus op: als een professionele ambassadrice die regelmatig haar gezicht laat zien bij bestuurders en ondernemers. ‘Daarnaast doe ik onder meer onderzoek, schrijf ik rapporten, onderhoud de website www.n8burgemeester.nl en geef ik presentaties hoe de uitgaanscultuur naar een hoger niveau te tillen.’ Ze heeft een ‘nachtraad’ van adviseurs, onder wie Ellen ten Damme en Def P. Ze heeft ook een postbusnummer en een assistente.
Van der Wel pleit er onder andere voor dat haar stad één fulltime ambtenaar voor het nachtleven aanstelt. ‘Maar mijn belangrijkste strijd is die tegen de regels om de regels. Daarmee wordt het culturele leven beperkt, zonder dat daar een goede reden voor is. Als drugsgebruik geen overlast veroorzaakt, steek je energie en geld dan in andere dingen dan het voorkomen van drugsgebruik.’

KADER 3
Doro Krol, nachtburgemeester Nijmegen: ‘Iedere maand mensen in het maanlicht zetten’
In de zomer van 2010 startte de Gelderlander een verkiezingscampagne voor het nachtburgemeestersambt. ‘De krant kreeg alleen maar reacties van mannen. Ik voelde er niet echt voor, maar ben omgepraat en had kennelijk een nogal leuke YouTube-promo, want ik kreeg twee derde van de stemmen.’ Doro Krol (48), kunstenares en programmamaakster, heeft een nachttaak aan het ambt en vat het vooral maatschappelijk op: ‘Ik wil iedere maand mensen in het maanlicht zetten die dat verdienen of nodig hebben. Zo heb ik voor mantelzorgers een avondje uit verzorgd, breng ik singles bij elkaar bij “de filmflirt” en ben ik organisator van de Nacht van de Ommetjes, die buurten
’s nachts tot leven brengt.’ Krol is de enige nachtburgemeester met nachtwethouders. ‘Zeven bobo’s staan mij bij.’ Het zijn ondernemers en bestuurders die haar met hun netwerken helpen als een soort comité van aanbeveling.

KADER 4
Marcel Fokker, nachtburgemeester Woerden: ‘Notoire nachtbraker zonder alcohol’
Marcel Fokker (42), zanger en oprichter van de Tiny Little Bigband, was al op jonge leeftijd bekend in Woerden als het zoontje van ‘de Bromsnor van Woerden’. Zijn vader was alom populair, zowel als Sinterklaas als in de functie van wijkagent. Fokker is een ‘vreemd geval’: ‘Ik ben een notoire nachtbraker, maar lust geen alcohol.’
Hij kreeg in mei dit jaar erkenning voor zijn verdiensten voor het lokale muzikale nachtleven van dagburgemeester Hans Schmidt met zijn benoeming tot nachtburgemeester. Die eretitel dankt hij vooral aan het jazzfestival dat Fokker vijf jaar geleden in het leven riep. ‘We hebben afgesproken dat ik de ludieke honneurs voor Schmidt waarneem. Ik ben bovendien een beetje het gezicht van de citymarketing.’ Strak in het pak maakt hij elke nacht een rondje langs de kroegen om te kijken of er nog wat te beleven is.

KADER 5
Zeus Hoenderop, nachtburgemeester Tilburg: ‘Het is een culttitel’
De Tilburgse nachtburgemeester is de meest highbrow ambassadeur van het stel. Zeus Hoenderop (43) is beeldend kunstenaar en heeft zijn sporen vooral verdiend op het vlak van stimulering van jonge kunstenaars. Hij begon in 2006 met een galerie voor studenten en net afgestudeerden van de Academie voor Beeldende Vorming. ‘Ik merkte dat zij nogal gefrustreerd raakten dat zij hun kunst niet aan de man konden brengen. Op de academie leer je van alles, behalve jezelf verkopen.’
Zeus regelt inmiddels expositieruimtes, perscontacten, vernissages voor aanstormende kunstenaars van vijf academies en zette een meester-leerlingproject op voor de meestbelovenden onder hen.
Hij werd twee jaar geleden door de vorige nachtburgemeester aangezocht om het stokje van hem over te nemen. ‘Het nachtburgemeesterschap is een culttitel voor mensen die zich in het donker zichtbaar maken op cultureel opzicht. Het is een autonome functie, ik mag zelf weten hoe ik het invul en dat doe ik dan ook.’

KADER 6
Tien aanbevelingen in het donker
1.     Geef nachtburgemeesters fysieke ruimte om evenementen te organiseren: creëer vrijplaatsen.
2.     Geef ruimte door momenten te creëren waarop meer mag, zoals ‘herriedagen’ waarbij tijdelijk de eisen voor geluidsoverlast aan de kant worden gezet om activiteiten mogelijk te maken die anders niet kunnen.
3.     Ga soepel om met de openingstijden, want Nederland is een 24 uurseconomie.
4.     Denk mee bij niet-commerciële culturele initiatieven over het dragen van de vaak hoge beveiligingskosten.
5.     Zorg dat initiatiefnemers laagdrempeliger in gesprek kunnen komen met officiële instanties: stop de bureaucratie, wees toegankelijk als overheid.
6.     Zoek met initiatiefnemers naar oplossingen in plaats van star vast te houden aan procedures en regelgeving.
7.     Jaag organisaties van culturele evenementen niet op kosten met leges en dergelijke. Door organiseren aantrekkelijker te maken (omgekeerd subsidiëren), ook financieel, komt er meer levendigheid. Denk hierbij ook aan btw.
8.     Toon waardering voor betrokken vrijwilligers. Dat hoeft niet financieel. Zoek naar alternatieve vormen van beloning voor getoonde inzet.
9.     Zet een ‘kennisloket’ op per regio voor advisering, waar initiatiefnemers informatie en advies kunnen krijgen voor het opzetten van culturele activiteiten en evenementen.
10.     Zie de meerwaarde van levendige cultuur, in economisch en sociaal opzicht. Een veilig en levendig cultureel klimaat betekent minder problemen in stad en dorp.

Vindplaats: VNG Magazine nr. 1, 6 januari 2012, pagina 16 e.v.





NIEUWSBRIEF

Naar het nieuwsbriefarchief

Vacaturespot

Start hier met het vinden van uw ideale baan!

Laatste Vacatures

Projectleider online dienstverlening

Gemeente Capelle aan den IJssel

Senior handhaver/ heffingstechnoloog

Waterschap Rivierenland

Adviseur Planning & Control

Gemeente Hendrik-Ido-Ambacht