Auteur: Sanne van der Most - 29/04/2011
Menig wethouder heeft het er maar zwaar mee: het bijbenen van het ambtelijk jargon van financieel specialisten. Waarom praten die lui niet in gewone mensentaal? En waarom kan ik ze geen fatsoenlijk weerwoord geven? De basiscursus gemeentefinanciën van de VNG Academie rekent voorgoed af met dit soort praktijken en geeft niet-financiële wethouders houvast in de wereld van de jaarrekeningen, de voorjaarsnota’s, de kostendekkende tarieven en de kapitaallasten.
Slot Zeist, donderdagochtend 7 april. Drie wethouders en één raadslid druppelen de cursusruimte binnen. Nog wat afwachtend, want zoals het raadslid dat liever anoniem wil blijven, zegt: ‘Ik loop er als raadslid nu eenmaal niet graag mee te koop dat ik deze cursus nodig heb.’
Als de deelnemers zijn aangeschoven, komen de voorjaarsnota’s tevoorschijn. ‘Ik kan jullie wel van alles gaan vertellen’, zegt docent Ben Vosseberg, ‘maar de eigen gemeentelijke situatie leeft toch het meest. Dát is herkenbaar. Vanmiddag gaan we daar dan ook uitgebreid op in.’
Maar vertellen doet hij zeker ook. Na een voorstelronde trapt Vosseberg af met een stevig stuk theorie over het gemeentelijk baten- en lastenstelsel. ‘Sinds integraal management ook binnen gemeenten werd ingevoerd, is iedere budgethouder verantwoordelijk voor het beheren van de middelen op zijn terrein. Dat is doorgesijpeld naar de wethouder. Het is dus van groot belang dat ook hij kaas heeft gegeten van processen als dekken en financieren, exploiteren en investeren en lenen en uitzetten. En dat hij alles uiteraard goed onderbouwt.’
Sparren
‘Wethouders hebben steeds meer behoefte om te sparren met hun financieel experts’, verklaart Vosseberg de populariteit van de cursus. ‘Ze willen zich niet met een kluitje in het riet laten sturen en een weerwoord kunnen geven als wordt geroepen dat ergens geen budget voor is of dat hij eerst maar eens in zijn eigen portefeuille naar ruimte moet zoeken. Het klinkt gek, maar voor een goed idee is altijd budget. Je moet alleen wel weten hoe het financiële spel wordt gespeeld en daar gaat deze cursus over.’
In deze tijd van economische crisis gaan veel vragen van cursisten over het Grondbedrijf en de uitkering uit het Gemeentefonds. Vosseberg: ‘Wethouders willen weten hoe ze die uitkering kunnen ophogen - bijna niet, is dan mijn antwoord - maar ook wanneer ze geld moeten uitgeven en wanneer ze juist beter kunnen sparen.’
Lang niet alle wethouders zullen er volgens hem voor uitkomen dat ze soms moeite hebben met financiën. ‘Uiteraard niks om je voor te schamen.’ Doordat de cursus wordt gegeven in een gesloten omgeving en de wethouders ‘onder elkaar’ zijn, ontstaat een open sfeer waarin iedereen vrijuit vragen kan stellen en ervaringen kan delen.
Bijzonder is ook het netwerk dat na afloop blijft bestaan. Vosseberg: ‘Ik heb zelf ook regelmatig contact met oud-cursisten die me om advies vragen.’ Die open sfeer is heel duidelijk voelbaar tijdens het middaggedeelte, wanneer de meegebrachte begrotingen de revue passeren. Vosseberg neemt geen blad voor de mond als hij de prozaïsche boekwerken bestudeert. ‘Veel te wollig, veel te omslachtig’, merkt hij op. ‘Hoe meer woorden ambtenaren nodig hebben, hoe minder overtuigd ze zijn. Laat je niet intimideren.’ En daar kan iedereen zich in vinden.
KADER
Inschrijven?
De cursus gemeentefinanciën voor niet-financiële wethouders wordt twee keer per jaar gegeven. De volgende bijeenkomst is op 8 september 2011. Voor gevorderde wethouders is er op 29 september 2011 een verdiepingscursus. Voor niet-financiële ambtenaren die beter willen omgaan met de naderende bezuinigingen organiseert de VNG Academie de cursus Financieel Management.
Meer weten? Surf naar www.vngacademie.nl.
CURSISTEN
Jan Lammers, wethouder ontwikkeling in Achtkarspelen
‘Puzzel met duizend stukjes’
‘Een basiscursus financiën voor niet-financiële wethouders. Dat is mij op het lijf geschreven, dacht ik meteen. Ook al kom ik oorspronkelijk uit het bedrijfsleven, ik had al snel in de gaten dat gemeentefinanciën heel anders in elkaar zitten. Ik ben net een jaar wethouder en zeker in het begin duizelde het soms behoorlijk.
Vanuit mijn eigen portefeuille houd ik me bezig met volkshuisvesting, economische zaken, recreatie en toerisme, verkeer en vervoer en duurzaamheid. Een behoorlijk volle portefeuille, maar er zit geen financiën in. Ik ben maar gewoon aan de slag gegaan met mijn eigen thema’s en kwam op een gegeven moment vanzelf terecht in de cyclus van begrotingen, kadernota’s, voorjaarsnota’s en jaarrekeningen. Het is een puzzel met wel duizend stukjes die ik graag wil oplossen.
Het komt wel, maar het duurt gewoon even. En dan is het na een jaar wel heel handig om deze cursus te volgen en het allemaal een plaatsje te geven. Ik volg wel meer cursussen, maar het mooie van deze cursus is dat het uitwisselen van ervaringen centraal staat. Dan blijkt dat ik lang niet de enige wethouder ben die behoefte heeft aan dergelijke ondersteuning.
Wat veel indruk op mij heeft gemaakt, was het onderdeel over het eigen vermogen. In het bedrijfsleven is dat duidelijk heel iets anders dan bij gemeenten. We hebben vandaag echt geleerd de link te leggen tussen onze eigen financiële privésituatie en die van de gemeente. Daar zijn een hoop parallellen en dat maakt het een stuk duidelijker. Langzaam maar zeker vallen de puzzelstukjes op de goede plek.
Ook interessant vond ik de zogenaamde begrotingstrucjes. Hoe je met een paar handigheden de begroting sluitend kunt maken. Maar ook hoe je jezelf voor de gek kunt houden door je ogen voor bepaalde zaken te sluiten. Het is zeker niet mijn stijl maar wel interessant om eens over te horen.’
Jan Batelaan, wethouder RO en EZ in Menterwolde
‘Je leert de taal van de financiële ambtenaar spreken’
‘Ons college bestaat uit allemaal nieuwe wethouders zonder veel bestuurlijke ervaring, allemaal in hun eerste periode. Voor mij geldt precies hetzelfde. Sinds oktober 2010 beheer ik de portefeuille Ruimtelijke ordening, Economische zaken, Verkeer en vervoer, volkshuisvesting en wonen. Geen financiën dus. Maar uiteindelijk draait het natuurlijk altijd om de centen, welke portefeuille je ook hebt. Je moet altijd ergens budget voor zien te vinden. "Dekking" zoals ik net heb geleerd. De grote vraag is waar je die dekking vandaan haalt en welke effecten dat heeft op de begroting. We hebben te maken met behoorlijk grote bedragen. Dan is het goed om samen met collega-wethouders en in het college van B en W helder te kunnen praten over de investeringen die we doen en de gelden die we daarvoor inzetten.
Tegelijkertijd is het fijn om te sparren met de financiële ambtenaren en ook hun taal te kunnen lezen, duiden en begrijpen. Door deze cursus wordt mijn rugzakje wat beter gevuld. Het is heel verhelderend hoe de materie wordt gebracht. Met name de analogie met het eigen huishoudboekje vond ik erg aansprekend. Je kunt een investering maar één keer doen. Zo werkt het bij de gemeente ook. Betaal je uit eigen zak of trek je vermogen aan vanuit de Bank Nederlandse Gemeenten of de Waterschapsbank?
Wat het ook boeiend maakt, is het feit dat we deze cursus samen volgen. We moeten in deze tijd allemaal bezuinigen. Dan is het erg interessant om te zien hoe anderen daarmee omgaan. Hoe maken zij de juiste afwegingen en nemen de juiste beslissingen? En hoe vinden zij ruimte?
Ik zou andere wethouders zeker aanraden deze cursus te volgen. Natuurlijk kom je een heel eind met een stuk gezond verstand en boerenwijsheid, maar het is toch wel erg handig om de taal van de financiële ambtenaar te spreken en het vervolgens in gewoon Nederlands op anderen - raadsleden en inwoners - over te kunnen brengen.’
Antoine Walraven, wethouder financiën, EZ en centrumontwikkeling in Best
‘Geen overbodige luxe’
‘Financiën bepalen op dit moment de dagelijkse discussie op ons gemeentehuis. Wij hebben een enorme woningbouwtaakstelling van een paar duizend woningen en we hebben voor tientallen miljoenen euro’s grond aangekocht. De risico’s zijn moeilijk in te schatten en zo worden wij in feite dubbel getroffen. Het is voor ons dus extra belangrijk om de markt op de voet te volgen en te reageren zodra dat nodig is.
Ondanks het feit dat financiën onderdeel uitmaakt van mijn portefeuille leek het mij in dat kader geen overbodige luxe deze cursus te volgen. Niemand is zó deskundig dat hij weet wat er volgend jaar gaat gebeuren. Daarnaast vind ik het gewoon heel nuttig om de taal van de financiële ambtenaren te spreken. Ze gebruiken behoorlijk wat vakjargon. Logisch, daar zijn ze specialisten voor. Maar juist omdat die bezuinigingen zo nijpend zijn, wil ik precies begrijpen waar ze het over hebben.
Ook de raadsleden vragen steeds meer. Uit onzekerheid of onwetendheid soms zelfs op bedrijfsniveau. Als wethouder moet ik meer antwoorden geven dan ik eigenlijk zou moeten weten. Het is nooit prettig om in een volle raadzaal het antwoord schuldig te moeten blijven. Daarom is zo’n cursus natuurlijk ideaal.
Ik vond het ook bijzonder verhelderend om eens met andere wethouders ervaringen te delen. In deze economisch krappe tijden wordt veel uitgesteld of niet aangekocht. Wanneer neem je het besluit je verlies te nemen en een reële begroting te maken? Hoe eerlijk ben je naar de raad en de burgers toe? Of is het politiek gezien slim om die bedragen in de begroting te laten staan?
Daar hebben we het uitgebreid over gehad. Zelf vind ik dat je te allen tijde eerlijk en transparant tegenover je inwoners moet zijn. Maar dat is een politieke keuze. Interessante materie en een eyeopener voor de deelnemers.’
Vindplaats: VNG Magazine nr. 9, Special Opleidingen, 29 april 2011, pagina 27 e.v.
Gemeente Woerden
HBO Afstudeerstage Handhaving Bedrijfskunde Management, Economie en Recht (MER) - Gemeente Zaanstad VerkeerskundigeGemeente Duiven
© 2010 - 2013, VNG Magazine
Reacties
Laat een reactie achter