Steeds meer 'binnenkinderen'

Nederland telt steeds meer ‘binnenkinderen’, kinderen die niet naar buiten komen om te spelen. Zelfs als de ruimte nog even open is als vroeger, worden kinderen verdrongen door volwassenen.

Dat stelt sociaal geograaf Lia Karsten van de Universiteit van Amsterdam in een essay dat zij op verzoek van de provincie Noord-Holland schreef voor een bijeenkomst over kindvriendelijke steden, vorige week in Haarlem.
De stedelijke open ruimte wordt voller en is minder toegankelijk voor kinderen, aldus Karsten. Zelfs een groene long als het Amsterdamse Vondelpark, die een belangrijke functie had als speelruimte, wordt het domein van ‘fietsers en skeelers die in hoog tempo het park doorkruisen’. Het Vondelpark heeft zich steeds meer ontwikkeld tot een ruimte voor volwassenen, kinderen worden tot op steeds hogere leeftijd begeleid; hun zelfstandige bewegingsvrijheid is in de loop der jaren enorm afgenomen. Dat heeft geleid tot een groei van het aantal binnenkinderen (vooral allochtone meisjes) en van de achterbankgeneratie. Buiten spelen is een randverschijnsel geworden.
Daar staan gunstige ontwikkelingen tegenover. Karsten constateert een trend van opknappen, uitbreiden en kindvriendelijker maken van de openbare ruimte. ‘In veel grote steden zijn groengebieden toegevoegd of beter toegankelijk gemaakt. Zo is het oppervlak van het Westerpark in Amsterdam verdubbeld en zijn op tal van plekken in de stad natuurspeeltuinen verrezen.’
Ook de stoep ondergaat een ‘groene revival’. Die functioneert weer zoals hij ooit was bedoeld: speelruimte, om een praatje met de buren te maken en om op een bankje in de zon te zitten. Deze ontwikkeling is in gang gezet door de nieuwe middenklasse gezinnen die hun kinderen een stadse opvoeding wil geven, maar ook contact met de natuur. Gemeenten moeten dergelijke collectieve acties stimuleren, vindt Karsten.
Buiten de stad is de situatie minder rooskleurig dan je zou verwachten, constateert zij. Weliswaar spelen kinderen daar meer buiten, maar binnen grenzen. In een dorp als Maarn reikt het bos bijna tot in het dorpscentrum, maar ouders laten hun kinderen daar niet spelen. ‘De dorpse samenleving staat voor veel buiten spelen, maar niet voor veel buiten spelen in de natuur. Het bos wordt als sociaal onveilig beschouwd.’
In het algemeen is het beeld van ‘groen’ tweezijdig, ook in het landelijk gebied: groen wordt weliswaar beschouwd als gezond voor kinderen, maar ook als sociaal onveilig. Gemeenten zouden hier bij de (her)inrichting van de ruimte rekening mee moeten houden.

Het essay van Lia Karsten staat op www.noordholland.nl > Actueel > Nieuws.

Vindplaats: VNG Magazine nr. 5, 4 maart 2011, pagina 7

1 reactie

Reacties

Tobias Beuving (Pedagogisch medewerker, Vette BSO) zo, 2011-07-10 13:09

Voor kinderen die naar een buitenschoolse opvang gaan zou de branche veel kunnen betekenen.

We proberen de aandacht te verleggen van de vierkantjes (tv, pc, spelcomputer etc) naar fysieke uitdagingen in de buitenlucht.

Wij zijn sinds april aan het buiten zwemmen, scheppen, ballen, windsurfen, peddelen etc. Als het wat kouder is kun je altijd het bos of de polder in - wandelen met of zonder begeleiding van een natuur-deskundige. Skaten, een fiets of speurtocht maken. Dit kan overigens ook prima zonder extra budget.

Kijk voor een impressie op ons youtube kanaal:


http://www.youtube.com/user/VetteBSO


Laat een reactie achter

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

NIEUWSBRIEF

Naar het nieuwsbriefarchief

De gemeente in 2025

 

 

100 Jaar VNG



Vacaturespot

Start hier met het vinden van uw ideale baan!

Laatste Vacatures

Beleidsmedewerker Welzijn

Gemeente Alphen aan den Rijn

Communicatieadviseur

Gemeente Soest

Teammanager

Gemeente Overbetuwe